Jan COOPS


I. Jan COOPS, ette Zuidenveld 1659-1684, geb. circa 1600, overl. circa 1684, zn. van Joachim Egberts COOPS, tr. (1) Geesien HUISING, geb. voor 1647 Gieten, dr. van Hendrik Luitjens HUISING en Warmeltien EPPING, tr. (2) Jantien N.

Uit het tweede huwelijk:

  1. Hendrik COOPS, geb. voor 1658 (zie II).
  2. Jan COOPS.

II Hendrik COOPS, ette Zuidenveld 1684-1695, geb. voor 1658.

Henderick Coops koopt op 7 mei 1676 van Greete Hiddinge voor de schulte van Dalen 11/2 dagwerck hoeilandes geswettet Jacob Abbinge, Sweers en consorten ten noorden en Reinder Haecken te zuiden, evenals een acker boulandt de Lange Acker.

Op 13 juni 1677 verklaart Jan Schutten tot Dalen voor Joannes Bottichius, schulte van Dalen, en de keurnoten Claes Hellinge en Jonge Jan Coops, dat hij heeft geleend van Henderick Coops en zijn huisvrouw een bedrag van 50 carolus guldens tegen de 51/2 % rente jaarlijks. Hij verleent hypotheek op een halft waerdeel waerdeels inde mars int Camperstuck in Daler merckte gelegen.

Henderick Coops en zijn huisvrouw Gesien Coops tott Dalen lenen op 10 mei 1678 voor Joannes Bottichius, schulte tot Dalen, en de keurnoot Roelof Lavinge aan Leffert Buissies tott Dalen en bedrag van 100 Carolus guldens tegen 5% rente jaarlijks.

Op 23 april 1679 lenen Henderick Coops en zijn huisvrouw voor Joannes Bottichius, schulte van Dalen, en de keurnoten Jan Berens en Hendrick Smits, dat zij voor zich zelf en als lasthebbers van de weduwe van wijlen Geert Grimminge als (= zijnde) Gese Grimminge tot Dalen hebben geleend van de E. Hindrick Coops en zijn huisvrouw Gesien Coops tot Dalen de somma van 150 Carolus guldens tegen 5% rente jaarlijks.

Harmen Roebbers tott Dalen en zijn huisvrouw Aelle Roebbers verklaren op 14 november 1685 voor Joannes Bottichius, schulte van Dalen, en keurnoten Jan Lambers en Luichien Cruimincks dat zij van de E. Hindrick Coops tott Dalen en zijn huisvrouw Gesien Eppinge de somma van 140 Carolus guldens hebben geleend tegen 5% rente jaarlijks.

Op 21 augustus 1684 verschijnt voor Joannes Bottichius, schulte van Dalen en Oosterhesselen, en de keurnoten Claes Helinge en Henderik Smit, de schulte van Coevorden en Schoonebeek Rudolph Camerlinck, als gevolmachtigde van de Hoock Edel Geb. Juffer Joanna Gardine van Laar, wonende te Deventer. Hij verklaart op 3 juli 1684 verkocht te hebben aan de E. Henderick Coops en diens huisvrouw Geesjen Coops 1/12 part door hooch en Leeg, niet ujtbesondert als boulnat, hoilnat, waertal, huis en hof en goornland, alles soodanich als de meijer Willem Olden Harmens en Geert Ques in 't gebruik hebben.

Op 25 september 1686 verschijnt voor Joannes Bottichius, schulte van Dalen en Oosterhesselen, en de keurnoten Berent Reinders en Jan Berents, Geert Quees tot Dalen, die verklaart verkocht te hebben aan Hindrick Coops tot Dalen en diens huisvrouw Gesien Eppinge 1/12 part van Weggemans ofte Olde Harmens arve tot Dalen. dit erve werd op dat moment gebruikt door meijer Willem Olde Harmens en comparant Geert Quees zelf. Geert Quees had zijn 1/12 part op 12 juli 1686 aangekocht van de Hoock Wel Edell Geboren Juffrouw Seine Elisabeth van Laer weduwe Grabbe tot Menings Hoven.

Zn. van Jan COOPS (zie I) en Jantien N. Tr. Gesien EPPINGE.

Uit dit huwelijk:

  1. Lucas COOPS, geb. voor 1678 (zie III).

III Lucas COOPS, ette Zuidenveld 1695-1713, geb. voor 1678.

Op 7 maart 1698 verschijnt voor Henricus Bottichius, schulte van Dalen en de keurnoten Pieter Abbringe en Jan Lambers, Willem Haecken, tegenwoordich tot Groningen woonachtich. Deze laatste verklaart van Ette Lucas Coops en zijn huisvrouw Hillechien Huisinge geleend te hebben 200 Carolus guldens tegen 5% rente jaarlijks. Als borgen stellen zich Reinder Haecken en Jan Haecken.

Voor de schulte van Coevorden, A. Stuirman en de keurnoten Willem Koops en Roelof Koops wordt op 20 juli 1714 door Henderick Bottichius, scholtes van Dalen, als hoofdmomber, en Ette Henderick Huisingh, Peter Huisingh, scholtes van Sleen en Johan Huising, als medemombaren, de eedsaflegging gedaan als momvers over de minderjarige kinderen Gesina, Margaretha en Henderick Koops, nagelatene kinderen van de Ed. Ette Lucas Coops en Vrouw Hillegjen Huising (Schultegerecht Coevorden, inv. nr. 11. fol 79vo).

Op 29 december 1714 verschijnen nogmaals voor de schulte van Coevorden de momber over de mnderjarige kinderen van wijlen Ette Lucas Koops en wijlen huisvrouw Hilligjen Huisinge. Zij treden nu op als mombers over Henderick en Grietje Koops. Tevens compareren namens de meerderjarige kinderen Henricus Huising uxoris nomine Willemtien Coops en Geesina Coops, bijgestaan door d' Heere Drossard Echten tot Echten als haar verkozen momber. Overeengekomen wordt dat de olderlijke boedel zal tezamen blijven tot de monigheid van soon Henderick Coops en Grietjen Coops; uit de profijten van de boedel zullen kost en kleding van Henderick en Grietjen worden voldaan; het restant zal gelijkelijk worden verdeeld.

Soon Henderick krijgt het recht van afkoop van de gehele boedel na mansere bij diense meerderjarigheid. Voor uitsetting van de beide susters zullen de pupillen komen te trekken uit de gemene boedel 1.000 Car. glds. en daarvan de opkomsten genieten. Indien de uitsetting meer dan 1.000 Car. glds. bedraagt zal de soon bij de afkoop hierbij onbenadeeld blijven. Ten behoeve van het opbrengen van Henderick en Grietje Coops ontvangen zij tot hun 22 jarige leeftijd uit de moederlijke boedel 104 Car. glds (Schultegerecht Coevorden, inv. nr. 11 fol 80).

De welgesteldheid van Lucas Coops blijkt uit het register van de goedschatting van Dalen d.d. 4 juni 1705. De Ette Lucas Coops wordt aangeslagen voor een bedrag van f 1.000 en nog eens voor f 1.000 aan obligaties. Hij is daarme de hoogst aangeslagene voor het Ageterkamperot en behoort met schulte Bottichius en diens moeder (f 4.000), Berent Weggemans (f 2.100), de weduwe Huising (f 3.700) en Jan Hiddincks (f 1.600) tot de rijkst ingezetene van het kerpel Dalen.

Zn. van Hendrik COOPS (zie II) en Gesien EPPINGE, tr. Hillechien Lamberts HUISING, geb. voor 1690, dr. van Lambert HUISING en Marchien SCHURING.

Uit dit huwelijk:

  1. Willemina COOPS, geb. voor 1695, overl. voor 1754, tr.kerk voor 1715 Henricus HUISING, diaken Dalen 1714, geb. 02-04-1685, overl. voor 1754. Woont te Wachtum in 1742 en 1748. Zn. van Jan HUISING en Jantyn HUISING.
  2. Hendrik COOPS.
  3. Gesina COOPS, tr. Elardus (ds.) REINDERS, predikant te Dalen, overl. 1734 Dalen.
  4. Margaretha COOPS.